© 2017 by ANDREAS MOULIN. Proudly created with Wix.com

De Pendel van het Leren

March 11, 2018

 

Ons leerproces wordt continu bepaald door een heen en weer bewegen dat geleidelijk aan afneemt. Ik noem dit de pendel van het leren (in de muziekpraktijk). Ik ervaar het musiceren namelijk vaak als een slinger die van de ene naar de andere kant bengelt, van het ene uiterste naar het andere. Maar na een aantal keer zal deze niet meer zo ver uitwijken en wordt de beweging steeds smaller tot deze mooi tot stilstand komt in het centrum, de plek waar alles in balans is. Ik durf mij niet uit te spreken over andere onderwijsvormen, maar ik merk dat deze slingerbeweging in het aanleren van eender welke (kunst)ambacht continu aanwezig is. Zo merkte een van mijn leraren ooit op dat ik heel gespannen speelde in mijn vingers en dat ik mijn knieën te veel opspande. De reactie die hieruit voortkwam, resulteerde in het totale tegenovergestelde; ik boog mijn knieën zodanig dat ik met ingezakte knieën op de planken stond. Mijn houding zakte in elkaar en de vingers van mijn linkerhand gebruikten te weinig kracht om de snaren in te drukken.
De Engelse violiste en alexanderdocente Elisabeth Langford vertelt in haar boek Music, Mind and Muscle over deze veelgemaakte fout. “Wanneer gaan mensen eens leren dat wanneer ze iets fout doen, door het extreme tegenovergestelde te doen, ze eveneens fout zijn.”  Bij kinderen is dit duidelijk waarneembaar. Wanneer je tegen een 6-jarige  violist vraagt om de viool niet te laten hangen, zal dit quasi altijd resulteren in een viool die als een raket overdreven naar boven schiet. Dit is evenmin goed.
Op een gegeven moment realiseerde ik me dat deze continue herhaling van heen en weer slingeren haast onvermijdelijk is. Straffer nog, ik ben ervan overtuigd dat dit heen en weer bewegen strikt noodzakelijk is om uiteindelijk te leren hoe we in dat punt van balans terecht kunnen komen.
De befaamde vioolpedgagoog Simon Fischer maakt in zijn massieve vioolboeken  gebruik van deze slingerbeweging. Bij het zoeken naar de ideale hoek die de viool op het sleutelbeen moet maken bijvoorbeeld, raadt hij aan om de viool eerst extreem naar binnen te houden om vervolgens het instrument overdreven naar de buitenkant te laten wijzen. Geen van beide extremen voelen comfortabel aan. Maar wat hij tot slot zei, maakt dit hele procedé duidelijk. Hij zegt namelijk dat men nadien le juste milieu moet uitkiezen m.a.w. de viool niet te veel naar binnen noch naar buiten plaatsen. Instinctief vinden we dan automatisch dat punt van balans. De viool zal dus spontaan op de plek terecht komen die voldoende naar binnen als naar buiten is gericht.
Deze benadering vormt een heel handige tool bij het oefenen van een muziekstuk. Zo woonde ik ooit een stage kamermuziek bij waar een strijkkwartet moeite had met luid spelen. De leerkracht gaf de instructie om extreem hard te spelen met de boog. Dit moest zodanig hard gebeuren dat het hout van de strijkstok in de snaren schuurde en er een afgrijselijk gekraak ontstond. Vervolgens moesten de leerlingen terug ‘gewoon’ spelen. Het resultaat was duidelijk merkbaar; onbewust produceerden ze een veel vollere klank die het forte-karakter van de passage duidelijk overbracht.
We kunnen dus constateren dat de slingerbeweging zowel haar voor- als nadelen heeft. Het ene moment spande ik weer te veel mijn spieren op terwijl ik het andere moment weer te slap werd en begon in te zakken. Deze vicieuze cirkel is echter schijnbaar. Want de periodes die volgden, waren niet meer gekenmerkt door de oorspronkelijke extremen, nee, de verschillen werden steeds kleiner tot op het gegeven moment dat ik mijzelf perfect in balans voelde staan. Ik was niet overdreven opgespannen noch slap en ingezakt. De pendel was in het centrum komen te hangen.  

Helaas bleef dit punt van evenwicht niet duren. Na verloop van tijd begon de slinger terug in beweging te komen tot deze uiteindelijk weer op een gegeven moment tot stilstand kwam.
Ik heb het gevoel dat deze slinger nooit in dat punt van balans zal blijven. Vroeg of laat zal de pendel terug in beweging komen, hoe minuscuul dit ook zal zijn maar hij zal nooit gefixeerd in dat evenwichtspunt blijven staan en dat is iets waar wij ons als muzikant maar ook als mens moeten bij neerleggen. 

Dat neerleggen, die innerlijke acceptatie is alles behalve een evidentie. Het is heel fijn te vertoeven in dat moment waarin alles klopt en alles in evenwicht is. We gaan dan geneigd zijn om in dat punt te blijven waardoor de kans bestaat op fixatie en dan gaat de pendel weer hevig uitwijken want fixatie is een grote boosdoener (zie blog). 
Die slingerbeweging vertaalt zich ook naar mijn zijn en mijn voelen. Sommige dagen voel ik dat mijn lichaam gewoonweg niet klaar is om muziek te spelen laat staan om het in te oefenen. Mijn lichaam heeft dan gewoonweg geen zin. Dit is volledig tegenovergesteld aan de situatie van de voorgaande jaren; Ik was zoveel jaren de band met mijn lichaam kwijt en ik had helemaal geen luister naar de noodkreet van mijn spieren. Uiteindelijk tijdens mijn revalidatie kon ik niet anders dan die verloren band terug te herstellen wat dan ook resulteerde in een overgevoeligheid aan prikkels en signalen van mijn lichaam. Vroeger negeerde ik de signalen als mijn lichaam me smeekte om even rust te nemen. Wie had toen gedacht dat ik zoveel jaren later mijn lichaam honderd procent gelijk zou geven als het me liet weten dat het eens niet in de stemming was. De slingerende pendel is dus ook hier aanwezig. En ook hier zijn beide situaties niet de plek van balans. ‘Het is toch goed om 100 procent naar je lichaam te luisteren?’ hoor ik mensen dan vaak zeggen. Maar dat is een stelling die ik vlakaf ontkracht. Mijn viooldocente Elisa Kawaguti vertelde me namelijk dat een professionele muzikant niet zomaar kan zeggen ‘Ik speel vandaag niet’ als het lichaam geen zin lijkt te hebben. Dit is geen professionele houding en dit onderscheid ook amateurs van professionals. Er is een enorme discipline nodig om toch te oefenen ook al zegt het lichaam dat het geen zin heeft.
Maar waar trek je dan de grens? Wanneer moet je dan luisteren naar je lichaam en wanneer niet?
Hier is geen pasklaar antwoord voor en dit antwoord verschilt ook van persoon tot persoon. Voor mij is het nog altijd een zoeken. Soms betrap ik mezelf erop dat ik beter even de viool had laten liggen en andere momenten besef ik dat ik weer te hedonistisch ben geweest. Na verloop van tijd verkleint het zwenken van de pendel wat hier betekent dat ik geleidelijk aan meer mijn lichaam begin te begrijpen.




 
 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Uitgelichte berichten

I'm busy working on my blog posts. Watch this space!

Please reload

Recente berichten

March 23, 2018

March 12, 2018

Please reload

Archief
Please reload

Zoeken op tags

I'm busy working on my blog posts. Watch this space!

Please reload

Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square